11 NOVEMBER 2009 (Roeselare)
Het is makkelijk om je triest te voelen in de winter.
Waar is de uitdaging?
Wegen bedekt met stervende bladeren,
nachten die het overwicht van daglicht weten te bedwingen,
mensen die zich binnenshuis opsluiten.
Ze nemen toevlucht tot hun kunstmatige verwarmingsbronnen,
maar hier en daar ook in de armen van een geliefde,
een moeder of een vader,
een broer of zus.
Het is makkelijk om je eenzaam te voelen tussen vreemde mensen.
al die gezichten die het goed menen, maar je twee dagen later
waarschijnlijk alweer vergeten zijn.
Geen wonder dat de mensen bij wie ik langskom zich zorgen maken over mij.
"Je bent toch niet depressief?" klonk het enkele dagen geleden,
oprecht bezorgd
Een vraag die ze me een uurtje later niet meer zou gesteld zou hebben,
hoop ik.
Je voelt je sneller op je gemak bij vreemden dan je zou denken.
Ons bouwplan is hetzelfde.
Niet dat ik geloof dat je iemand al echt kan kennen na één avond.
Maar je kan iemand begrijpen.
Sommige mensen sneller,
als ze 's avonds openhartig spreken over hun verloren dromen
over wilde avonturen uit hun jeugd
de gloed van trots die de kamer vult als ze spreken over hun kinderen
of passies.
Sommige mensen trager.
Maar we hebben allemaal schrik.
Schrik van de koude, winter en eenzaamheid.
Schrik om niet te leven.
Een concept dat zich voor sommige mensen beperkt tot de simpele daad
van ademhalen,
maar voor anderen,
iets meer omhelst,
iets onbenoemsbaar,
en voor de ongelukkigen, zelfs onbevredigbaar
Maar de afwezigheid van schrik is geen noodzakelijkheid om je gelukkig
te voelen.
Genieten kan je altijd.
De wereld als een spannende thriller.
al dan niet met een happy ending.
Het is te makkelijk om triest te zijn in de winter.
Geef mij maar een depressie in de Lente.
Met de zon op je gelaat, alles in bloei en juichende kinderen op de achtergrond.
Dat is pas een uitdaging!
Daarvoor kom ik nog uit mijn bed.
Nee, de winter, dat is genieten.
Van lichtjes en liedjes.
Van mensen die je begeleiden naar de dichtsbijzijnde kachel,
het helpen maken van sinterklaasspeculaas in een familiebakkerij,
samen lachen met begeesterende mensen waarvan je de naam nooit zal kennen,
voor de eerste keer paardrijden in de Loppemse bossen,
het gitaarspelen in een paardenstal voor aandachtige mensen op strobalen.
"nee, ik ben niet depressief", zei ik lachend.
Ze geloofde me.
Nadat ik deze laatste zin in mijn dagboek neergeschreven had wilde ik
mijn planning bekijken.
Mijn planning was een gedrukt papiertje, opgefrommeld in een plastiek zakje.
Terwijl ik het plastiek zakje uitschudde op een bankje,
viel er plots een verstopt briefje van 10 euro uit,
gevolgd door een klein papiertje met daarop:
"Groeten van Dirk, Ingrid, Jonas & Matthias. xx"
Ik weet misschien niet waar het leven allemaal om moge draaien,
maar dat was niet nodig om ervoor te zorgen dat dit papiertje een
glimlach op mijn gezicht toverde. |